Mechelen: woensdag, 24 juni 2026

Bij de Mechelse pompiers

1822 - 2014

Nieuwe aanval

Mechelen likt zijn wonden na vier duistere jaren en veel inwoners kunnen stilaan herademen. Maar op het moment dat het dagelijks leven weer een zekere routine krijgt, wordt de stad opnieuw getroffen dor een ongekende vorm van geweld. Op 5 november 1944 valt een V1-bom op het fortje van Lerberghe, een beluik van aaneengesloten arbeidershuisjes op de Schuttersvest. Nagenoeg alle straten in de buurt en huizen lijden zware schade, er vallen 6 doden. Twee dagen daarna valt de volgende bom in de Geerdegemstraat, maar gelukkig vallen er geen doden.

li
grnd
De buurt van de Goswin de Stassaertstraat werd zwaar getroffen door een V1-bom
devil
De Elisabethkliniek werd volledig vernield
donk
Verschillende buurten in de stad deelde in de klappen

Kliniek getroffen

Op 29 november 1944 in de voormiddag ontploft in de Goswin de Stassaertstraat vlakbij de St. Elisabethkliniek een V1-bom. De materiële schade is immens, er sterven drie patiënten, drie verpleegsters en drie arbeiders in de kliniek. Er vallen 24 doden, 55 mensen raken gewond en meer dan 750 huizen in de buurt lopen schade op.

De volgende dag zijn de Mechelse pompiers nog druk in de weer met het ruimen van puin, wanneer ze kort voor een uur 's middags in allerijl worden opgeroepen voor een nieuwe ramp, deze keer is er een V1-bom gevallen in de Willem Herrijnstraat, balans 7 doden en 13 zwaar gekwetsten. Opnieuw worden meer dan 700 huizen zwaar beschadigd.

Van 5 november 1944 tot 14 maart 1945 zorgden de V-bommen voor een ravage in Mechelen en omstreken. In die tijdspanne telde men 422 doden, 71 vermisten en honderden gewonden. Maar liefst 938 huizen werden compleet vernield.

Stad herleeft

Na jaren van avondklok en duisternis doet de Mechelse brandweer al het mogelijke om de openbare straatverlichting te herstellen. Omdat de gasverlichting onbruikbaar is, worden er in Mechelen ongeveer 315 elektrische lampen aan gevels bevestigd van mensen die toestemming geven om ze aan te sluiten op hun bestaande elektrische bekabeling.

Intussen is er een nieuw jaar aangebroken, wat zal 1945 brengen. Op 8 februari 1945 vallen er opnieuw 2 vliegtuigbommen op Mechelen. Eén op de Melaan en één in de Eikestraat. Er is één dode te betreuren. We zijn ondertussen vijf maanden na de bevrijding en nog is het laatste oorlogsslachtoffer in Mechelen niet gevallen.

Op 19 februari 1945 slaat een V1-bom in op huizen in de Onze-Lieve-Vrouwstraat, opnieuw vallen er 4 doden. Het zijn de laatste stuptrekkingen van het imploderend naziregime. Eindelijk lijkt de angst voorgoed voorbij, ook voor de Mechelse pompiers die gedurende vier jaar lang dagelijks hulp boden in zeer moeilijke omstandigheden.

Nieuw stadsbestuur

In het voorjaar van 1945 wordt de stad geleid door waarnemend katholiek burgemeester Jozef De Marré, maar echt besturen ziet er niet echt in. Vanaf augustus 1945 wordt de 38-jarige Antoon Spinoy de nieuwe Mechelse burgervader.

De bevolking krabbelt recht, er is terug werk in overvloed en er is een grondige heropbouw van de stad. Het nieuwe college o.l.v Spinoy slaat in 1945 de hand aan de ploeg. Een van de prioriteiten is het moderniseren van het Mechels brandweerkorps, men kwam stilaan tot het besef dat een korps bestaande uit vrijwilligers voor een stad als Mechelen geen optie meer was.

Heropbouw

Het college kan op 1 januari 1947 eindelijk aan de lange termijn beginnen denken en de stad heropbouwen. Er is veel woningnood en ook de industrie kan een duwtje in de rug gebruiken. Een nieuwe wet in 1952 maakt België een stuk aantrekkelijker voor de productie van auto's.

De burgemeester onderhandelt zelf met Mercedes en Peugeot om hun montage-eenheid te installeren in de fabrieken van Ragheno. Ook kan hij grote bedrijven zoals chemiereus Dupont de Nemours overhalen om in Mechelen in fabrieken te investeren.

Een belangriijke vereiste was dat de stad over een professioneel brandweerkorps moest beschikken. Dat was de aanleiding voor het oprichten van het beroepsbrandweerkorps in Mechelen.

Lees verder ...

Stedelijke commissie

Na de oorlog moeten ook de stadsdiensten worden gezuiverd, alle benoemingen en bevorderingen van het oorlogscollege waren immers onwettig verklaard. Op 25 september 1945 start de stedelijke commissie inzake houding tijdens de bezetting, van alle leden van het stadspersoneel. 45 werknemers worden schuldig bevonden. Eén persoon wordt ter dood veroordeeld en kreeg de op 12 december 1946 de kogel. 28 collega's verliezen hun job, de rest komt ervan af met een schorsing van enkele maanden maar verliezen hun burgerrechten.

Copyright - 2026 - Designed by DiLuc - Hosting Combell